-

-

-
  1 Para
-
-
  Operaties
-
-
  Para-Commando
-
-
  Gezocht
-
-
  Website
-
 

De Citadel, home van het 1ste Para sinds 1953

De Citadel van Diest werd in de eerste helft van de 19de eeuw gebouwd en huisvest sinds 1953 het 1ste Bataljon Para.

De Citadel, op een hoogte gebouwd, domineert de vallei van de Demer en neemt op die manier een geografisch erg voordelige positie in. Gebouwd volgens de meest moderne theorieën van die tijd, doet het gebouw zich voor als een enorme vijfhoek.

De hoofdingang van de Citadel aan de Leuvensestraat.

 

Op deze luchtfoto van de Citadel (OC GIS-Vlaanderen) is de vijfhoekige vorm duidelijk herkenbaar. De Citadel, de stadswallen en het Fort Leopold zijn stille getuigen en overblijfselen van de oude vestingsgordel die Diest heeft omgeven.

-

Een beetje geschiedenis....

Om het centrum van de prille staat België af te grendelen voor een mogelijke aanval vanuit Nederland, werd vanaf 1837 Diest omringd door een fortengordel, waarvan de bouw ongeveer 16 jaar in beslag nam. De Diestse vestiging bestond uit drie onderling afhankelijke entiteiten, in het bijzonder de kernvesting of de stadswallen, het fort Leopold en de Citadel. De Diestse Citadel, gebouwd op de uitloper van de hoogten ten zuiden van de Demer, was de laatste wijkplaats voor de verdedigers van de kernvesting en belette de vijand, bij de inname van de stad, Diest te verlaten richting Brussel.

De Citadel is een door hoge grachten omgeven vijfhoek, waarvan de fronten met een lengte van 200 meter, van het gebastioneerde type zijn. Dit betekent dat de fronten hoofdzakelijk verdedigd kunnen worden door artilleriestukken vanuit bastions of vijhoekige vooruitspringende werken op de uithoeken van de fronten. Drie van de vijf vijf fronten waren bijkomend uitgerust met verdoken en overwelfde artilleriestellingen, die doorheen openingen in de voorliggende kazematten, in de grachten vuurden en hierdoor zeer moeilijk uit te schakelen waren. Dit Franse systeem werd genoemd naar zijn uitvinder Chasseloup.

foto uit de oude doos, met een zicht op de enorme grachten van de Citadel 

-

Slechts éénmaal, tijdens de Frans-Pruisische oorlog van 1870-1871 werd de vesting Diest volledig bemand en bewapend. Het garnizoen schommelde tussen de 1500 en 2500 manschappen op een bevolking van 7786 Diestenaren.

Vanaf 1870 was het lot van de in bakstenen gebouwde Diestse fortificaties bezegeld omwille van allerlei technische innovaties in de artillerie en Diest moderniseren was niet verantwoord in het kader van haar onbeduidende rol in het toenmalige Belgische vestingsysteem. In 1895 werden de stadswallen en het fort Leopold gedeclasseerd en de Citadel volgde hetzelfde lot tot in 1906. In 1913 werd het boetekorps, bestaande uit twee compagnies, en een bijzonder korps die alle vaandelvluchtigen bevatte, ondergebracht in ondermeer de Citadel. 

-

De ingangspoort van de Citadel in vroegere tijden. Rechts naast  deze poort is nu het wachtlokaal. In de achtergrond, links op de foto ziet u twee bogen. Dat zijn de bogen aan de achterkant van de hoofdingang op de oprijlaan die vertrekt aan de Leuvensestraat.

-

Op het einde van de eerste wereldoorlog gebruikten de Duitsers de Citadel als een civiel interneringskamp. In de jaren twintig tot bij het uitbreken van de tweede wereldoorlog vond een korpsdepot zijn onderkomen in de Diestse Citadel.

Vanaf mei 1941 tot september 1944 was de Diestse Citadel de thuisbasis voor het eerste en voornaamste opleidingscentrum van de National Sozialistisches Kraftfahrer Korps (NSKK) in Vlaanderen. 

foto uit de oude doos, het paradeplein 

-  

De NSKK was een Duits transportkorps, dat uitrusting, brandstof en munitie vervoerde voor de Luftwaffe. Te Diest werden de vrijwilligers opgeleid en vertrokken ze voornamelijk naar het Oostfront. Na de herwonnen vrijheid, gebruikte de gewapende weerstand dezelfde infrastructuur voor een interneringskamp van burgers verdacht van incivisme (september-november 1944). 

Vervolgens gebruikte het Britse leger de Citadel als onderkomen voor diverse steuneenheden, die logistieke, administratieve, medische of politionele diensten verleenden. Op het einde van de jaren veertig werd een gedeelte van de Citadel omgetoverd tot noodwoningen, voornamelijk voor gezinnen van gastarbeiders der Kempische steenkoolmijnen. 

Op 2 augustus 1953 neemt het 1ste Bataljon Parachutisten zijn intrek, na enige werkzaamheden, in de Diestse Citadel. In 1965 moest één van de stadsfronten plaats ruimen voor moderne huisvesting. Het 11de Genie Bataljon klaarde de afbraakklus. Door de jaren heen zijn gebouwen gerenoveerd en bijgebouwd op de Citadel. In 1986 kreeg de Citadel het statuut van beschermd militair monument. Voortaan zijn afbraakwerken verboden.

Sinds 1996 is het eveneens beschermd door een decreet van de Vlaamse Gemeenschap wegens zijn historische en wetenschappelijke waarde. En terecht. Ze is de enige overgebleven Citadel in Vlaanderen en bovendien uitgerust met een quasi uniek Chasseloup-systeem.

 

Bron : Historiek van de Citadel, geschreven door Daniel Jannes.

 

Enkele foto's uit de oude doos

Oude postkaart van de Citadel

-

De ingang aan de Leuvensestraat. De muur van de omwalling is reeds afgebroken, maar het witte gebouw dat het oude wachthuis was van de Citadel staat er nu nog steeds. Links naar boven loopt nu de oprijlaan naar de ingang.

-

foto uit de oude doos, de Citadel aan de Zichemsepoort met links op de foto de Allerheiligenkapel

-

De allerheiligenkapel vanuit een andere hoek, vanop de weg die naar bovenop de Citadel loopt. De foto is van rond 1900.

-

De Citadel aan de kant van de Zichemsepoort met op de voorgrond de Demer. 

0

Kwartier Luitenant Freddy Limbosch

De Citadel, thuisbasis van het 1ste Bataljon Parachutisten kreeg de naam "Kwartier Luitenant Freddy Limbosch".

0

De plaat naast het wachtlokaal op de Citadel

0

Luitenant Freddy Limbosch naar wie de kazerne van het 1ste Para werd genoemd, was een officier met buitengewone moed en uiterst grote wilskracht. 
0

 

Luitenant Freddy Limbosch
-

Luitenant Freddy Limbosch werd geboren in Withampstead (Engeland) op 30 oktober 1916. Zijn jeugd was zoals die van zovele anderen alhoewel hij zeer snel blijk gaf van "leaders" kwaliteiten. Nadat hij zijn diploma van landbouwingenieur had behaald in Gembloers diende hij in 1938 bij het 14de Artillerie Bataljon (schoolbatterij) als adjudant-reserve-onderluitenant. Hij trouwde in 1938 en week een tijdje later uit naar Canada. De familie Limbosch slaagde er met veel moed en wil in er zich te vestigen als landbouwkundigen. 

De oorlog verraste hen in volle opgang. 

In januari 1941 vervoegt F. Limbosch zich bij het Belgische Militair Centrum in Canada, in antwoord van een oproep van de Belgische regering in Londen. Hij wordt op 10 februari aangesteld als onderluitenant. In juni van hetzelfde jaar maakt hij deel uit van een eerste contingent dat het Verenigd Koninkrijk bereikt om er het 2de Bataljon Fuseliers te vormen, waar hij peletonsoverste is.

Zodra er sprake is van een parachutistenopleiding, is hij vrijwilliger en bereidt het tweede detachement fysiek voor. Op 26 februari 1942 vertrekt hij om te springen. Hij komt terug met achttien gebrevetteerden op twintig kandidaten. De "Parachute Traning School nr.1" van Ringway stelt een zeer lovend verslag op waarin Freddy Limbosch leiderskwaliteiten worden toegeschreven.

Na de officiële stichting van de Belgische Parachutisteneenheid op 8 mei 1942, neemt F. Limbosch actief deel aan de opleiding van de compagnie die in februari '44 een SAS-eskadron zal worden.

Op 9 augustus 1944 neemt hij deel aan de operatie "Shakespeare" aan het hoofd van een storingsgroep die gedropt wordt ten noorden van La Chartre-sur-le-Loir.

Luitenant F. Limbosch (tekening van M. Guelton)

Op 5 september 1944 voert hij het bevel over de operatie "Caliban" in Belgisch Limburg, tijdens dewelke hij een glorierijk einde vindt te Peer terwijl hij tracht de Engelse troepen te bereiken om ze in te lichten over belangrijke troepenbewegingen van Duitse eenheden in de sector. Hij stuit echter op een vijandelijke stelling en tijdens de confrontatie met de Duitsers die daarop volgt wordt hij gewond. Hij weigert zich over te geven en probeert al schietend te ontkomen. De gids die hij bij zich heeft stuurt hij weg, terwijl F. limbosch alleen de vijand probeert af te remmen. Tijdens deze gevechten wordt hij getroffen in volle borst door een mitailleursvlaag.

Freddy Limbosch ligt begraven op het kerkhof van de stad Peer.

0

Kwartier Luitenant Freddy Limbosch

Vanaf oktober 1944 bezet het Belgische SAS Eskadron de kazerne van de Twee Leeuwen (nu kazerne l'Empereur) in Tervuren. Op 11 mei 1946 wordt de kazerne omgedoopt tot "Kazerne Luitenant Freddy Limbosch".

Op 15 oktober 1948 wordt het Regiment Parachutisten in Leopoldsburg ondergebracht.

Vanaf januari 1953 verlaten de eerste elementen Leopoldsburg om zich in de Citadel van Diest te vestigen. Het gros van het bataljon verhuist in mei, en is volledig op 2 augustus 1953.

Sinds haar vestiging in Diest onderhoudt het 1ste Para uitstekende banden met de stedelijke overheden en met de bevolking. Diest is overigens haar peterstad.

In september 1954 kent men de benaming "Kwartier Luitenant Freddy Limbosch" toe aan de Citadel van Diest ter nagedachtenis aan deze parachutistenofficier van het "eerste uur", die tijdens een operatie sneuvelde. 

0

 

0

(Bron : tekst Luitenant Freddy Limbosch en foto : Rode Mutsen, Groene Mutsen, 50.000 para-commando's. Auteur E. Genot, Uitgave Pegasus, 1 Para)

 

 

 

Copyright © Para-Cdo.be en 1Para.be. Niets van deze website mag worden overgenomen zonder uitdrukkelijke toestemming van de webmaster.