Op 24
november 1964 sprongen Belgische Para's vanuit Amerikaanse vliegtuigen
boven de Congolese stad Stanleystad. Dit gebeurde in het kader van de
operatie die op meesterlijke wijze geleid werd door Kolonel Laurent en
waarbij enkele duizenden mensen, waaronder meer dan 1500 Belgen,
mannen, vrouwen en kinderen, al 111 dagen gegijzeld door Simba
rebellen, bevrijd werden.
Historiek
Na een lange Katangese
afscheiding was begin 1964 Kongo weer verenigd. De UNO-troepen
verlaten het land en een economisch en financieel herstel tekent zich
af. Maar een nationalistische oppositie onder de regering van de
eerste minister Adoula geeft zich niet gewonnen. Pierre Mulele, die
klandestien is teruggekeerd na een lang verblijf in China, buit de
sociale en economische moeilijkheden uit die er heersen in de
oostelijke provincies. In juni breekt de opstand uit en in september
is reeds de helft van het grondgebied in handen van de rebellen. De
strijdkrachten van de centrale regering reageren en in november staan
zij klaar om een zware slag toe te brengen aan de opstandelingen.
Inderdaad, verschillende kolonnes van l'Armée Nationale Congolaise
(ANC) rukken op naar Stanleystad, de hoofdstad van de opstand. Deze
kolonnes hebben een Europees kader (technische hulp) en in hun rangen
tellen zij ook blanke huurlingen. Om druk uit te oefenen op de
centrale regering en op de landen die hun acties steunen, aarzelen de
opstandelingen niet om alle Europeanen die zich in het door hen
gecontroleerde gebied bevinden, als gijzelaars te beschouwen. Vooral
België en de Verenigde Staten maken zich zorgen over het lot van hun
onderdanen.
In het grootste geheim
wordt door beide landen een reddingsoperatie voorbereid.
0
De opdracht
Tijdens een
raadplegende vergadering, op 12 en 13 november, op het Ministerie van
Landsverdediging, waaraan de commandant van het Regiment, kolonel Ch.
Laurent, de generaal van de USAF Dougherty en de kolonels Dunn en Gray
deelnemen, worden de operatieplannen opgesteld. De Amerikanen gaan
ermee akkoord twaalf C-130's ter beschikking van België te stellen
voor het vervoer van de Belgische troepen en hun materieel. De
Belgische troepensterkte die ingezet zal worden is vastgesteld op een
para-commando bataljon met drie stormcompagnies en een staf- en
dienstencompagnie.
Als commandant van het
Regiment zal kolonel Laurent samen met een kleine staf het bevel
voeren over de operatie. De verantwoordelijkheid voor de parachutage
zal bij de despatchers van het TrgC Para liggen, onder het bevel van
majoor G. Ledant. Een detachement "Rav Air" is ook voorzien
en staat onder het bevel van kapitein A. Mullier.
Opdat de operatie
zoveel mogelijk kans zou hebben om te slagen moet het
verrassingseffect totaal zijn. Voor kolonel Laurent is de
verantwoordelijkheid enorm zwaar. De operatie moet lukken zonder
verlies van mensenlevens. Men moet de gijzelaars bevrijden zonder
rekening te houden met ras of nationaliteit. Om geen deining in de
internationale politiek te veroorzaken, mocht er geen nodeloos
bloedvergieten van zwarten aan te pas komen. En er mochten geen
verliezen zijn bij de blanke troepen, de publieke opinie zou het niet
verwerken....Maar de kolonel is een uitstekend leider, niet bang van
de verantwoordelijkheden die hem opgelegd worden en beschikt over een
bevoegd kader dat 100% achter hem staat.
|
Tijdens een
raadplegende vergadering, op 12 en 13 november, op het Ministerie van
Landsverdediging, waaraan de commandant van het Regiment, kolonel Ch.
Laurent, de generaal van de USAF Dougherty en de kolonels Dunn en Gray
deelnemen, worden de operatieplannen opgesteld. De Amerikanen gaan
ermee akkoord twaalf C-130's ter beschikking van België te stellen
voor het vervoer van de Belgische troepen en hun materieel. De
Belgische troepensterkte die ingezet zal worden is vastgesteld op een
para-commando bataljon met drie stormcompagnies en een staf- en
dienstencompagnie.
Als commandant van het
Regiment zal kolonel Laurent samen met een kleine staf het bevel
voeren over de operatie. De verantwoordelijkheid voor de parachutage
zal bij de despatchers van het TrgC Para liggen, onder het bevel van
majoor G. Ledant. Een detachement "Rav Air" is ook voorzien
en staat onder het bevel van kapitein A. Mullier.
Opdat de operatie
zoveel mogelijk kans zou hebben om te slagen moet het
verrassingseffect totaal zijn. Voor kolonel Laurent is de
verantwoordelijkheid enorm zwaar. De operatie moet lukken zonder
verlies van mensenlevens. Men moet de gijzelaars bevrijden zonder
rekening te houden met ras of nationaliteit. Om geen deining in de
internationale politiek te veroorzaken, mocht er geen nodeloos
bloedvergieten van zwarten aan te pas komen. En er mochten geen
verliezen zijn bij de blanke troepen, de publieke opinie zou het niet
verwerken....Maar de kolonel is een uitstekend leider, niet bang van
de verantwoordelijkheden die hem opgelegd worden en beschikt over een
bevoegd kader dat 100% achter hem staat.
Het vertrek wordt
vastgesteld op dinsdag 17 november om 18.40 u |

(krantenartikel,
dank aan Benoit D.P., 12de Cie, 2de Cdo) |
Het vertrek
Op 17 november 1964
wordt het vertreksein gegeven en 545 para-commando's verzamelen zich
op de basis van Kleine Brogel. Wanneer ze hun kwartieren in Diest
en Flawinne verlaten zijn ze gewapend en uitgerust voor een maneuver
in de Middelandse Zee in het kader van de NAVO. Slechts enkele
kaderleden zijn op de hoogte van de echte opdracht.
| De
eenheden |
-
Het 1ste Bataljon Para onder bevel van Majoor Mine
- Versterkt met
de 12de Compagnie van het 2de Cdo
- Een detachement
despatchers en laadploegen vant het Trg C Para onder bevel van
Majoor Ledant
- Een tactisch
commando van het Regiment Para-Commando met Kolonel Laurant, die
de operaties zal bevelen. |
Zonder waarschuwing
landden diezelfde avond twaalf C-130 Hercules transportvliegtuigen
behorende tot het U.S.A.F., 776 en 777 Squadron van de 464th Troop
Carrier Wing gestationeerd te Evreux (Frankrijk). Alles wordt geladen,
iedereen stijgt in en de voertuigen worden langs de startbaan
achtergelaten. De vliegtuigen met de para-commando's aan boord
verdwijnen uit het Belgische luchtruim met een onbekende
bestemming.
Wanneer ze al over de
Atlantische Oceaan vliegen, worden de para-commando's ingelicht dat ze
een humanitaire operatie zullen moeten vervullen. Een brief,
overhandigt aan elke vliegtuigoverste, licht het kader en de miliciens
in over hun komende opdracht. De eerste bestemming van de reis is Ascension, een eiland voor de Afrikaanse kust.
0
| Ascension
De bewegingsvrijheid op
het eiland is beperkt tot een kaal en verlaten terrein van 400 m op
400 m. Iedereen logeert in zijn individuele tent. Maar op een
verbazend snelle manier komt het Amerikaanse leger ter hulp. Grote
tenten worden opgeblazen, bulldozers graven wc's en stortbaden worden
gemonteerd.
 Ascension,
relax voor de operaties (foto : De Pauw B.) |

Ascension
(foto : Het Regiment Para-Comando van 52 tot op heden)
Bij de maaltijden maken de meesten voor het eerst kennis
met het systeem "self service" (niet vergeten, we zitten in
het jaar 1964). 's Avonds worden in open lucht cinemavertoningen
gegeven op een groot doek. De tijd wordt doorgebracht met de
verbetering van de verbindingsmogelijkheden met de hogere
autoriteiten. Aan de manschappen worden herhalingslessen bewapening en
briefings gegeven over de operatie Stanleystad. Ook oefenen de
para's de drill om voor de eerste maal uit de C-130 te
springen...In België werd nog gesprongen uit de C-119 Flying
Boxcar. Deze zou pas later bij de Belgische Luchtmacht vervangen
worden door de C-130 Hercules. |
Er wordt beslist dat
bij de operatie een tussenlanding zou gemaakt worden te Kamina en in
de namiddag van 21 november gebeurt de verplaatsing naar de vroegere
basis van de Belgische Luchtmacht. Een C-130, speciaal uitgerust met
communicatiemiddelen vervoegt en staat ter beschikking van Kolonel
Gradwell (USAF), die de luchtoperaties zal leiden.
De 21ste geeft eerste
minister M. Tsombe, in een brief gericht aan de Belgische ambassadeur
in Leopoldstad officiëel de toelating aan de Belgische en Amerikaanse
Strijdkrachten om in de oostelijke provincies tussenbeide te komen.
Eens die toelating bekomen, is het laatste euvel voor de tussenkomst
van de para-commando's uit de weg geruimd.
0
Rode Draak, Stanleystad
|
Het order van de
uitvoering van de operatie Rode Draak wordt ontvangen.
In de nacht van 23 op
24 november stijgen vijf C-130's op met 320 parachutisten aan boord.
Op een half uur worden zij gevolgd door twee vliegtuigen met acht
gepantserde jeeps en op hun beurt op een half uur door vijf andere
vliegtuigen met de 12de Compagnie, materieel en uitrusting. De
parachutage is voorzien bij dageraad. Twintig minuten er voor,
plaatsen de vliegtuigen zich in line astern met twintig seconden
tussenruimte en beginnen een scheervlucht over de Kongostroom. Vanaf
een drophoogte van 200 meter worden om 04.00 Z Hr in 80 seconden 320
man in gelijktijdige sticks van 32 op een onberispelijke wijze
gedropt. De rebellen openen het vuur maar schieten onnauwkeurig. Toch
zullen enkele vliegtuigen bedacht worden met kogelgaten in de
brandstoftanks.
-
|

Para's
gaan aan boord van de C-130
(foto : archieven ANPCV) |
|
De
dropping is een echt succes. Zowel wat de nauwkeurigheid betreft
als het kleine aantal gewonden. Slechts enkele parachutisten
worden gekwetst bij de landing doordat ze terechtkomen op
olievaten en voertuigen zonder wielen die de Simba's daar hebben
gezet om de landingsbaan te versperren. Zodra de para's op de
grond zijn, hergroeperen ze en maken zich meester van de eerste
doelwitten.
- |
|

Sprong
in de vroege ochtend boven Stanleystad
(foto
archieven ANPCV)
|
De startbaan die wordt versperd met 400 a 500 vaten en
enkele autowrakken wordt ontruimd zodat de volgende vliegtuigen kunnen
landen. Zij stijgen echter onmiddellijk terug op daar geregeld met
automatische wapens wordt gevuurd vanuit de brousse.
Bij het zoeken naar de
gijzelaars is het geluk mee. Bij de zuivering van de gebouwen van de
luchthaven, rinkelt de telefoon en een anonieme stem deelt mee dat zij
zich in het hotel Victoria bevinden. Een bevrijde geestelijke
bevestigd dit onmiddellijk. Met de 11de Compagnie op kop, gevolgd door
de 13de Compagnie en de 12de Compagnie wordt snel opgerukt naar het
centrum van de stad. Niettegenstaande enkele kleine weerstanden wordt
de 3 km in 35 minuten afgelegd. De 11de Compagnie vordert naar het
noorden van de stad en hotel Victoria, terwijl de 13de het centrum
doorschrijdt naar het kamp Ketele aan de andere kant van de stad.
Een 250-tal Europeanen
die zich in hotel Victoria bevonden, worden door de Simba's op straat
gedreven. Wanneer de para's nog achter de hoek van de straat zijn
wordt het vuur geopend met een automatisch wapen. In paniek trachte
nde gijzelaars te vluchten maar achttien doden en een dertigtal
zwaargewonden blijven ter plaatse achter.

(foto
: 40 jaar para-commandoleven in de militaire pers) |
Tijdens de hele
operatie zijn er hevige gevechten tussen de para's en de rebellen. Het
gevaar loert overal, maar de parachutisten beantwoorden elk verzet met
hevig vuur. Alle verzetshaarden worden uitgeschakeld. Vanuit de
verzetshaarden werd gevuurd met automatische wapens en
mortieren.
Vanaf 04.50 Z Hr worden
de vluchtelingen naar het vliegveld geëscorteerd. Daar is de
controletoren weer in orde gebracht. Talrijke burger en militaire
toestellen komen onophoudelijk aangevlogen en evacueren de Europeanen
en de gekwetsten naar Leopoldstad (het huidige Kinshasa).
|

Ex-gijzelaars
op weg naar het vliegveld
 |
|
Op
de foto rechts de "Chef" Demuynck op weg naar het
vliegveld.
Demuynck is een
bekende voor vele generaties para-commando's te Diest. Hij is
opgeklommen tot de graad van Adjudant-Chef tot bij zijn
pensioen.
Hij was ook RSM
van 1982 tot 1987 van het 1ste Para en medestichter van het Pegasus
Museum.
Adj.-Chef
Demuynck is overleden in oktober 2004.
De recce jeeps
komen goed van pas om de compagnies te ondersteunen. |

(foto's
: Het Regiment Para-Commando van 52 tot op heden) |
Af en toe moeten er
vliegtuigen de lucht ingestuurd worden nog vooraleer zij volgeladen
zijn omdat het vliegveld nog onder vuur ligt van automatische wapens.
Geregeld worden er patrouilles uitgestuurd langsheen de randen van het
vliegveld om de rebellen op te sporen en te verjagen.
In de stad wordt het
zoeken naar blanken verdergezet. Sommigen hebben zich op de meest
ondenkbare plaatsen verscholen. Kasten, plafonds en kruipkelders. Het
is bijzonder moeilijk om hen hun schuilplaatsen te doen verlaten. In
alle mogelijke talen wordt er geroepen. Het is tijdens zulk een
zoekactie dat soldaat De Waegeneer door een kogel in de buik wordt
getroffen. Hij zal later overlijden te Leopoldstad.
Om 09.00 Z Hr wordt de
verbinding verwezenlijkt met de kolonne van Kolonel Van de Walle die
vanuit kamina was vertrokken. Vanuit deze kolonnen wordt het zoeken
naar Europeanen verder gezet, vooral buiten de stad.
|
Om 13.00 Z Hr wordt aan
alle para-commando's het bevel gegeven zich rond het vliegveld te
hergroeperen en om 15.00 H Hr zijn de defensieve stellingen ingenomen.
1 Sgt Majoor Wouters van de luchtmacht wordt door een kogel gedood
wanneer hij bezig is een antenne op te spannen, nodig voor de
verbindingen. 's Nachts wordt er heel sporadisch geschoten en bij
dageraad is iedereen in alarmtoestand, maar de rebellen dringen niet
meer aan. De dag van 25 november wordt besteed aan de voorbereiding
van de volgende operatie, Zwarte Draak, alsook aan het verder
evacueren van blanken.
Op de foto rechts
een
ploeg van de 12de Compagnie van het 2de Cdo op de AS 24
driewieler
(foto
: het Regiment Para-Commando van 52 tot op heden) |
 |
00
Zwarte Draak, Paulis
In de nacht van 25 op
26 november stijgen vier C-130's op met 240 manschappen van de 11de en
13 de Compagnie met bestemming Paulis, 400 km noord-oost van
Stanleystad. Zoals de vorige operatie zal bij dageraad gesprongen
worden op het vliegveld. De ontboste ruimte is echter niet groter dan
900 m bij 70 m.
|
De startbaan zelf bestaat uit platgewalste aarde. Een
parachutage met zeer grote nauwkeurigheid is nodig. De twee eerste
droppings met sticks van 15 gelijktijdig, de derde voor de despatchers
en de colli's. De opdracht is zeer moeilijk, het verrassingseffect is
niet meer mogelijk en het vliegveld ligt in een dichte mist. Om 04.02
Z Hr droppen de vier C-130's met een merkwaardige nauwkeurigheid de
manschappen over een landschap dat volledig in de mist is gehuld. Het
vuur van de rebellen is hevig maar minder nauwkeurig. De vliegtuigen
worden wel geraakt en Sgt Rossinfosse krijgt in de deur wanneer hij
het vliegtuig verlaat een kogel in
de longen. Na de landing krijgt hij de eerste zorgen toegediend (foto
rechts).
Eens op de grond vormt diezelfde mist een goede dekking om
de gebouwen te zuiveren en de startbaan te ontruimen. |

(foto
: Het regiment Para-Comando van 52 tot op heden) |
|

Zodra
de vliegtuigen zijn geland begint de evacuatie van de
vluchtelingen en de gekwetsten. |
Terwijl de 13de
Compagnie zich bezighoudt met het vliegveld, stormt de 11de Compagnie
naar de stad. In zeer moeilijke omstandigheden landen om 04.40 Z Hr de
vliegtuigen met de radio- en reccejeeps.

Vluchtelingen
worden naar het vliegveld gebracht. |
-
|

Een
C-130 stijgt op in het stof van de piste
(foto's
: Het Regiment Para-Commando van 52 tot op heden) |

Van
links naar rechts : Commandant Holvoet, Kolonel Laurant en
Majoor Ledant |
In de stad
heeft de 11de Compagnie het niet gemakkelijk. De plaats waar de
gijzelaars zich bevinden is vlug gekend maar overal is er hardnekkige
weerstand vanwege de rebellen. Op een kruispunt neemt Kpl Welvaert een
machinegeweer onder vuur dat de opmars belemmert, maar hijzelf wordt
door een kogelbui gedood.
|

Enkele
mannen van de 11de Compagnie.
Op
de foto rechts : gegroepeerd achter de C-130 verlaten de laatste
elementen het vliegveld van Paulis
(foto's
: het Regiment Para-Comando van 52 tot op heden) |
Omstreeks 08.00 Z Hr zijn reeds 250
gijzelaars bevrijd. Het is nochtans ontzettend moeilijk om de
geterroriseerde en ondergedoken blanken in hun schuilplaatsen te
bereiken terwijl de rebellen een hevig vuur onderhouden. Op 27
november worden er nog patrouilles uitgevoerd in de brousse rondom
Paulis maar vanaf 's morgens begint de luchtbeweging van alle troepen
vanuit Stanleystad en Paulis naar Kamina. 's Avonds is iedereen daar
weer verzameld. De twee operaties hebben 3 doden en 12 gewonden gekost
maar hebben meer dan 2300 mensen gered.
 |
0
De terugkeer
|
De terugkeer start op
29 november over Ascension en Las Palmas met aankomst te Brussel op 1
december. België bezorgt zijn para-commando's een uitbundig onthaal.
Z.M. de Koning ontvangt hen op het vliegveld van Melsbroek en drukt
zijn fierheid uit over de uitgevoerde operaties. De Commandant van het
Regiment ontvangt de onderscheiding van Commandeur in de Orde van
Leopold II en de Minister van Landsverdediging vermeldt de eenheden op
de dagorde van het leger. Bij de talrijke gelukwensen en blijken van
dankbaarheid van de hoogste autoriteiten voegt zich een
onvergetelijke ontvangst van de Belgische bevolking gedurende het
défilé te Brussel. Onder het enthousiaste publiek bevinden zich
mensen van alle leeftijden, alle beroepen en alle klassen. Onder hen
ook personen die zich enkele dagen te voren nog in de handen van de
rebellen bevonden. |

De
para-commando's défileren door de straten van Brussel met aan
het hoofd Kolonel Ch. Laurant die het bevel voerde over de
operaties (foto : archieven ANPCV) |
0
Herdenkingsplechtigheden
|
De laatste herdenking
gebeurde op 24 november 2004 op de Citadel te Diest naar aanleiding
van de 40ste verjaardag van de operaties Rode Draak en Zwarte Draak.
Hierbij werden de militairen en burgers die tijdens deze tragische
gebeurtenissen het leven hadden gelaten, herdacht. Ongeveer een 200
veteranen van de operaties alsook een 30-tal veteranen van de kolonne
te voet, de Ommegang, waren aanwezig alsook een vijftigtal Belgische
en buitenlandse ex-gijzelaars.
|
November
2004. De veteranen op
het paradeplein van de Citadel.
(foto : archieven
ANPCV)
|
0
Red and Black Dragon
March
Ter gelegenheid van de
Red & Black Dragon March ingericht door de ANPCV Regionale Leuven
en de
viering van de 40ste verjaardag werd een coin gemaakt als herinnering.
De
geslagen coin, voor- en achterzijde
-
Opmerking
Ik heb
geprobeerd in grote lijnen de operaties Rode en Zwarte Draak samen te vatten. Voor een
gedetailleerde vertelling van de feiten, de gebeurtenissen, de
confrontaties met de rebellen, details, plaatsen en namen verwijs ik u
graag naar de boeken : Rode Mutsen, Groene Mutsen, 50.000
Para-Commando's. Auteur E. Genot. en Het Regiment Para-Commando van 52
tot op heden. Auteurs De Pierpont G. en Lefevre A.
Bronnen :
Rode Mutsen, Groene Mutsen, 50.000 para-commando's (E.Genot). Het
Regiment Para-Commando van 52 tot op heden (De Pierpont G. en Lefevre A.),
Do or Die (oude uitgave ANPCV)

|