-

-

FCC1 (Formation Continuee des Cadres 1 / Voortgezette Vorming van het Kader 1) – Okt 05/ Feb 06

   
   

Na heel wat politiek- en militair getouwtrek is het dan toch gelukt om terug naar Congo te keren. Dit om hier kaderleden op te leiden op verscheidene niveau’s. Er worden sectie commandanten, pelotonscommandanten en compagniecommandanten opgeleid. Dit alles gebeurt onder supervisie van Belgische onderrichters. Eigenlijk, de laatste keer dat de meesten van ons hier waren spraken we nog over Zaïre. We voelen ons een beetje zoals Kuifje in Kongo maar iets moderner en toch wel minder avontuurlijk. Maar wat moet het hier in Kuifjes tijd mooi geweest zijn.

Na heel wat gevlieg zijn wij in Lumwe aangekomen, ongeveer 30Km ten noorden van de stad Kamina. Eerst hebben wij voor onze installaties gezorgd, daarna samen met Congolese onderrichters lessen voorbereid en natuurlijk proberen zo snel mogelijk te acclimatiseren.

 

Hier in de streek Kamina, kijk maar eens op de kaart (ZW Congo), is het qua temperatuur nog best te doen in dit jaargetijde. Het regenseizoen begint hier langzaam aan op toeren te komen, voor de lokale bevolking komt dat overeen met een beetje winter. Zij vinden het afschuwelijk koud. Dat zie je ook wel aan de soldaten die uit het noorden naar hier gebracht zijn. Bij de mensen die van boven de evenaar komen lopen er hier zelfs met bodywarmers rond, en wij maar zweten. Gelukkig genoeg zijn de gebouwen hierop voorzien en valt het binnen nogal mee. Het is trouwens verwonderlijk in welk bruikbare staat de gebouwen nog zijn. Ze zijn zo goed als niet onderhouden maar zien er nog goed uit.

 

Ook al overleven ze geen enkele veiligheids of bouwinspectie, ze zijn nog steeds bruikbaar. Bij het zien van dit alles begrijpen wij waarom de kolonialen hier niet weg wilden. Er staat hier een zekere vorm van industrieel erfgoed waar men in de jaren vijftig in België zeker jaloers op geweest is. De spoorwegen van weleer, een waterzuiveringsinstallatie, de elektriciteitscentrale, theaters, de brouwerij van Kamina etc…. De C130 crews die ons hier alle twee a drie weken komen bevoorraden dromen er van hier ooit terug gestationeerd te worden. Het oude TrgC Para ligt er nu helemaal vervallen bij. Wat een prachtige installatie is dat ooit geweest. Er staan hier de overblijfselen van wel twintig muren, torens, mock’s etc….Heel de basis laat wel een enorme indruk na. Geen wonder dat onze gepensioneerde para’s er met zo veel lof over vertellen. Alles straalt hier op één of andere manier de pracht van weleer uit.

Veel van de ouderen noemen ons ook papa, klaarblijkelijk verlangen ze ook terug naar den tijd dat alles geregeld was. Het was wel geregeld, maar er werd beslist dat ze het maar zelf moesten kunnen. Na al die jaren lukt het eigenlijk nog steeds niet ondanks de vele middelen die aan hen werden overgemaakt. Nu heb ik het natuurlijk niet over de gewone Afrikaan. Dat is één van de redenen dat wij hier zijn, misschien klinkt het wat naïef, maar we proberen ze weer eens een stapje verder te helpen. Na vele vele miljarden en bijna 50 jaar van onafhankelijkheid blijkt dat dit eens te meer nodig is. Wat moet dit hier mooi geweest zijn.

 

De taal is zowat het moeilijkste, voor het overgrote deel gaat dat in het Frans, maar de taal van Voltaire is hier ook niet meer overal in gebruik. Er blijven verwoede pogingen om les te geven georganiseerd door zowat alle instanties, maar één van de lokale scholen is bijvoorbeeld gesloten wegens geen “fondsen” meer. Het was gebruikelijk dat de ontvanger van wedden en lonen deze “eerlijk” doorgeeft aan de rechthebbenden. Toen dit niet meer gebeurde, schooltje dicht. Geen school, geen les, dus geen of een beperkte toekomst.

Nu, het gekende Frans gemengd met Lingala, Swahili en andere dialecten maakt het wel boeiend om te communiceren.

Het was natuurlijk handig geweest als hun Vlaams beter was, buiten pannenkoek is ons geen woord in Ngala bekend. Maar zoals steeds lukt dat wel. Ik kan maar weer eens zeggen: que cela devait être beau içi !!

 

Spijtig of gelukkig genoeg komt hier geen wild voor. Hetzij reptielen, duizenden hagedissen. Ik ben er ondertussen ook al van overtuigd dat ze niet lekker zijn……………er lopen er teveel van rond. Voor de rest eten zij dagelijks amper 1 maaltijd met als hoofdbestanddeel maïs of maniok af en toe een afgekookte viskop en wat bonen. Groenten kunnen ze zelf wel verbouwen, maar…..Fruit of preciezer mango’s zijn hier zo te plukken, na een tijdje ben je zelf verse mango’s beu gegeten. Eén van de waterpunten is hier op de basis, zo komen ze dan ook vanuit de wijde omgeving hun jerrycans vullen. Stromend water is hier op vele plekken niet meer of zelfs niet. De Belgische genie ter plaatse heeft wel geholpen een gereviseerde pomp in het pompstation aan te sluiten. Nu kan het waterpompstation van BAKA (Base De Kamina) met dubbele capaciteit water pompen. En toch wat moet dat hier ooit mooi geweest zijn.

 

Zoals zo dikwijls heeft zowat iedereen het joggen hier herontdekt. Hier zijn honderden paadjes door de struiken getrokken, de lokale bevolking verkiest natuurlijk de kortste weg tussen twee punten. Tijdens deze jogging lopen wij door de verschillende militaire wijken, of wat er van over gebleven is. De mensen zijn zoals we in dit type land gewoon zijn zeer vriendelijk. Iedereen zwaait wel of roept Jambo, Mbote of gewoon bonsoir (vanaf 1400uur). De kinderen vinden het zicht van joggende blanken te gek. Trouwens vele van hen hebben nog nooit of zelden een “muzungu” gezien. In ieder geval was alle infrastructuur hier piekfijn in orde in den tijd van toen. Miljaar miljaar, wat was dat hier indrukwekkend mooi.

Zoals reeds eerder aangehaald, was de infrastructuur hier zeer goed. Wat ook al vermeld was is dat het nu het regenseizoen is. Het komt er op neer dat we geregeld enorme onweders meemaken. Door de lamentabele staat van de elektriciteitscentrale en de oude leidingen valt dan de stroom wel geregeld weg.

 

Je zou het niet geloven maar al de elektriciteitskabels steken hier in de grond, indrukwekkend. Wij hebben wel stroomaggregaten bij om de hoogstnoodzakelijke apparaten van stroom te voorzien. Met lede ogen stellen wij vast wat een paradijs dat hier geweest is.

De voorbije weken hebben wij heel wat terrein werk gedaan met onze Kongolese collega's , tactisch bewegen in de Matiti. Natuurlijk houden wij ons bezig om een deel van deze zielen van alles te helpen organiseren, te stroomlijnen, kortweg hunnen boel in orde te brengen. De fameuze druppel of zeg maar aërosol op de gigantisch hete plaat. Maar volgens het motto “alle beetjes” helpen gaan we er gemotiveerd tegenaan.

Wat materiaal betreft voorzien wij ze van enkele elementaire dingen. Er zijn afspraken gemaakt dat de Congolese overheid ook het zijne bijdraagt “Déja Vu ?”. De illusie dat het hier zomaar zal veranderen koesteren wij natuurlijk niet. Daarvoor hebben wij de laatste decennia teveel gezien op het ebbenhouten continent.

 

Wat wij nu doen zou wel direct moeten bijdragen tot een rustig(er) verloop van de komende verkiezingen. Laat dit een zoveelste verdere stap zijn in onze bijdrage aan Afrika.

Wie weet kan het toch nog eens zo mooi worden als weleer.

 

 

De groeten uit Kongo,        

J.BLOEMEN

ADC

 

 
 
 

PS: Jullie hebben het zeker al begrepen, ten tijde van Kuifje bestond het paradijs en zoals ze hier zeggen

             “BILIKUA MUZURI ZAMANI” ofwel vrij vertaald den goeien ouden tijd.

 

 

Terug naar de vorige pagina

 

 

Copyright © Para-Cdo.be en 1Para.be. Niets van deze website mag worden overgenomen zonder uitdrukkelijke toestemming van de webmaster.