|
Nieuws van dinsdag 8 maart 1977
Een duizendtal “ex-Katangese gendarmes” overschrijden de
Zaïrese grens en nemen een deel van de Shaba-provincie en
Zuid-Kasaï in. In een paar dagen tijd bereiken zij de
buitenwijken van de koperstad Kolwezi. In april komen
Marokaanse troepen en Franse vliegtuigen de Forces Armées
Zaïroises steunen. Ook is er hulp van een Amerikaanse,
Franse en Belgische logistieke steungroep. De opstand
wordt neergeslagen en de Katangezen vluchten naar Angola.
Deze gebeurtenissen worden door specialisten in Afrikaanse
zaken aanzien als een nakende dreiging voor nog meer
problemen. Echter wordt aan deze beschouwingen geen gevolg
gegeven.
-
Mei 1978
Dertien maanden na de gebeurtenissen en de verwittiging
van de Afrikaanse specialisten is er nog steeds niets
ondernomen om de veiligheid van de Europese bevolking
veilig te stellen. Er was geen enkel middel voorzien om te
verwittigen bij dreigend gevaar, zelfs geen radiozender
die berichten kon verspreiden. Waar voor werd gewaarschuwd
een jaar eerder gebeurde dan ook, de Katangezen komen
terug en vallen op 12 mei de streek van Kolwezi binnen.
Ondanks de rijkdommen in de provincie heeft het overgrote
deel van de bevolking een armtierig bestaan, is er
werkloosheid, voedseltekort en is de corruptie algemeen.
De Katangezen kunnen dan ook rekenen op de sympathie van
een deel van de bevolking, en willen op die manier voor
een tweede keer het bewind van Mobutu proberen te
ontwrichten. De FNLC-rebellen hebben het vooral gemunt op
blanken, het Zaïrees kader en op ambtenaren. De burgers
zitten als ratten in de val. Voor veel blanken en zwarten
te Kolwezi wordt de komende week door het gebrek aan tucht
en overmatig drankgebruik bij de rebellen, een week van
terreur, mishandeling, verkrachting en moord.
Ondanks de alarmerende berichten reageert de Belgische
regering traag. Ook Mobutu weigert in eerste instantie een
buitenlands ingrijpen. Mobutu rekent op zijn parachutisten
die een Frans kader hebben. Zij worden op dinsdag de 16de
’s morgens gedropt op de nieuwe luchthaven van Kolwezi. De
parachutisten behoren tot het 311de Bataljon
van Majoor Mahele. Door deze actie zijn de Belgische en
Franse regering enigszins vleugellam en hebben op dat
ogenblik het gevoel dat de Zaïrezen het zelf kunnen
oplossen.
-
De voorbereidingen voor
een tussenkomst
|
Ondertussen komen bij de persagentschappen berichten
binnen waarin sprake is van tien tot twaalf Europese
slachtoffers en van paniek onder de bevolking. De
verbindingen met Kolwezi worden met regelmaat onderbroken
om uiteindelijk op woensdag definitief te stoppen. De
Belgische Minister van Landsverdediging, P. Vanden
Boeynants, laat aan de sectie “Operatie” van de Generale
Staf weten dat als de toestand nog zou verslechteren men
zou kunnen kiezen voor een snelle evacuatie van de Belgen
in Shaba. |
| |

Tijdens de
interventie zullen de Para's overal slachtoffers op
hun weg vinden |
|
Er wordt een staf “Planning” gevormd die de
toestand volgt en een operatieplan opstelt. Een compagnie
van het 3de Para en drie C-130’s worden op een
stand-by van 24 uur gezet. Ondertussen tracht de regering
contact te houden met andere landen. Ze zou graag de hulp
hebben van Frankrijk en de Verenigde Staten, maar de
contacten met Frankrijk met het oog op een gezamelijke
operatie zullen tot niets leiden. Frankrijk zal later voor
een éénzijdige actie kiezen. Ook andere oplossingen worden
gezocht door contact met het Internationaal Comité van het
Rode Kruis te Genève en het Comité Zaïroise. Ondertussen
wordt het alsmaar erger in Kolwezi.
(foto: archieven
ANPCV) |
-
Het
operatieplan
Op 16 mei rond 23.00 u wordt Kolonel SBH R. Depoorter op
de Generale Staf ontboden waar een speciale vergadering
wordt gehouden. Ook de commandant van de 15de
Wing, Kolonel Vlieger A. Blume is aanwezig. Het bevel
wordt gegeven om een eventuele humanitaire operatie in
Kolwezi aan te vatten. Dit zal gebeuren met een
troepenmacht van duizend para-commando’s sterk en niet
langer een compagnie. Kort voor middernacht wordt het
Regiment Para-Commando in staat van alarm gebracht. De
“stand-by” voor het vertrek van de para’s en de C-130’s is
24 u te beginnen vanaf 17 mei om 10.00 u. Alle
voorbereidingen worden getroffen. Officieren en
onderofficieren van wacht ontvangen hun bevelen. Het
personeel wordt teruggeroepen in de kwartieren, aanwezige
manschappen worden verzameld, alarmkoffers worden uit de
magazijnen gehaald, oorlogsbewapening en munitie verdeeld,
radio’s getest, jeeps klaargemaakt om via de lucht
vervoerd te worden.
Na een vergadering op de 17de om 9u op het
ministerieel crisiskabinet keert de Commandant van het
Regiment rond 15 u terug naar het hoofdkwartier in
Everberg met het operatiebevel “Red Bean” op zak. Zijn
opdracht bestaat erin het vliegveld van Kolwezi in te
nemen en het 72 uur te houden. Hij moet de bescherming van
de Belgische en vreemde onderdanen verzekeren en diegenen
die het wensen naar de luchthaven begeleiden en hun
evacuatie organiseren. Het vertrek van de eerste C-130 is
vastgesteld op de 18de om 11.00u. Tot vrijdag
17 mei wou Mobutu trouwens niets horen van een
buitenlandse interventie, slechts wanneer hij ziet dat
zijn eigen troepen niet volstaan, aanvaardt hij de hulp
van de Fransen en de Belgen.
-
Red Bean
De operatie “Red Bean” zal worden
uitgevoerd door ongeveer 1200 mensen. Het 1ste
Para, 3de Para,
de 14de Cie en het
peleton mortieren van het 2e Cdo,
de Compagnie ATK, het Eskadron Recce met gepantserde
jeeps, een detachement van het Trg.C Para en een
chirurgische hulppost van de medische dienst. Verder gaan
er 18 jeeps mee, 12 aanhangwagens, 10 gepantserde jeeps,
26 AS-24 driewielers, 2 Unimog ambulances en een
ambulance-jeep. De 15de Wing heeft 10 C-130’s
en 2 Boeings B-727 klaarstaan en door Sabena zullen 7 of 8
Boeings worden vrijgemaakt. De Verenigde Staten zullen
dagelijks 120 ton brandstof, voedsel en drank per C-141
naar Kamina vervoeren. Het operatieorder zegt niets over
de Franse Strijdkrachten.
De voorbereidingen van de actie schieten goed op in de
nacht van de 17de op de 18de mei. De
vertrekbevelen voorzien dat wordt vertrokken vanop de
basis in Kleine Brogel, maar op de 18de ’s
morgens wordt beslist dat het vertrek zal gebeuren vanop
Melsbroek vermits Sabena weigert op te stijgen met de
Boeings vanop Kleine Brogel of Bevekom. Bovendien kan ze
ook niet het juiste aantal Boeings opgeven die kunnen
vrijgemaakt worden. De nuttige lading van de vliegtuigen
wordt voortdurend verandert. Alles verloopt zo goed en zo
kwaad mogelijk maar ten gevolge van de talrijke
veranderingen, zoals het aantal beschikbare toestellen van
Sabena, wordt beslist de Boeings te vullen naargelang hun
beschikbaarheid en met uiterste soepelhied te werk te
gaan. Op 18 mei om 12.00 ontvangt het Regiment het
vertrekbevel en om 13.15 vertrekt het eerste vliegtuig. Na
nauwelijks dertig uur na ontvangst van het
verwittigingsbevel stijgt het eerste vliegtuig op. De reis
van meer dan 10.000 km duurt 25 uur met twee
tussenlandingen. Bij dit alles komt ook nog het probleem
dat een aantal landen weigeren dat militaire toestellen
hun land overvliegen. Pittig detail is dat ondanks dat de
aanvraag om Frankrijk te overvliegen op de normale wijze
werd ingediend, de toelating maar effectief werd vanaf de
derde C-130. Sommige bronnen menen dat Frankrijk op deze
manier de operatie wou vertragen, maar harde bewijzen
ontbreken. In het boek “Kolwezi, secrets du raid”, zegt de
auteur meer bepaald dat het om een “administratieve” fout
ging.
Op donderdag 18 mei stelt het Elysée de Belgische
regering, zonder verdere bijzonderheden, op de hoogte van
de Franse beslissing om in Shaba tussenbeide te komen. Het
2de REP wordt in staat van alarm gebracht met
een stand-by van drie uur.
De bevelhebber van het Regiment Para-Commando, Kolonel SBH
Rik Depoorter, heeft net voor zijn vertrek nog de volgende
nota gekregen van P. Van Den Boeynants, Minister van
landsverdediging, die hem moet herinneren aan zijn
opdracht :
|
1. |
Trachten zo spoedig mogelijk alles in gereedheid te
brengen op het vliegveld van Kolwezi ter opvang van
staatsburgers uit westelijke landen om ze naar Kamina
over te vliegen. Een bevoorrading en medische hulppost
voorzien. |
| |
- |
|
2. |
Opdracht blijft ongewijzigd. Dit wil zeggen niet
deelnemen aan de aan de gang zijnde Franse operatie.
|
| |
- |
|
3. |
U bent er evenwel mee belast alle maatregelen te nemen
om éénieder die in gevaar verkeert te beschermen, te
bevrijden en naar de luchthaven te voeren en iedere
oproep uit ernstige bron te beantwoorden.
|
| |
- |
|
4. |
In geval gijzelaars door aanvallers worden weggevoerd
en u oordeelt dat u hen door uw actie kan bevrijden,
hebt u de toelating om dat te doen, mits u onder geen
beding de grens overschrijdt. |
| |
- |
|
5. |
Uw actie blijft beperkt tot 72 uur in Kolwezi.
|
-
De interventie
Op 19 mei rond 14 u plaatselijke tijd landt het eerste
vliegtuig, een Boeing te Kamina. Dan volgt een C-130, en
dan volgen de vliegtuigen elkaar snel op. In de loop van
de namiddag vraagt de Commandant van het Regiment de
toestemming aan Brussel om een versterkte stormlanding op
Kolwezi te mogen uitvoeren met leden van het 3de
Para. Tussen 15u en 16 u beschikt hij over 400
para-commando’s en vijf C-130’s. Uit betrouwbare bron en
de bevestiging van Zaïrese officieren weet de Commandant
dat de nieuwe luchthaven bezet wordt door soldaten van
Mobutu. Het antwoord is echter negatief en de regering
geeft pas om 22 u de toelating om de opdracht met heel het
Regiment op Kolwezi uit te voeren vanuit Kamina. Vermits
de bronnen, die zeggen dat de luchthaven in handen is van
soldaten van Mobutu, bevestigt zijn wordt logischerwijze
beslist van de para’s niet te parachuteren maar aan de
grond te zetten met stormlandingen. Deze techniek heeft
het voordeel dat tijd wordt gewonnen die anders zou nodig
zijn voor het hergroeperen na de sprong.
De 19de mei in de late namiddag springt een
compagnie van het 2de REP boven de oude
luchthaven van Kolwezi, als start van de éénzijdige actie
van de Fransen. Vermits het snel donker is in Kolwezi
kunnen de Légionaires na het hergroeperen niet veel anders
meer doen dan de luchthaven houden en zich defensief
opstellen.
|
In de duisternis van de nacht stappen de para’s aan boord
van de C-130’s. Alles verloopt ordelijk, rustig en
gedisciplineerd. Bovendien bestaat er een perfecte
coördinatie tussen de para-commando’s en de 15de
Wing, het resultaat van vele oefeningen. De Belgische
para’s zijn ter plaatse in Kolwezi op 20 mei bij dageraad.
De indrukwekkende formatie vliegt tactisch op lage hoogte
en vanaf 6.30 landen de vliegtuigen één na één met de zon
in de rug op het nieuwe vliegveld van Kolwezi. De
toestellen rijden nog wanneer de achterklep wordt
neergelaten en de para’s eruit springen en zich
stelselmatig verspreiden en hun posities innemen. De
vliegtuigen draaien en stijgen opnieuw op om een volgende
golf op te pikken. |

De
luchthaven van Kolwezi (foto: archieven ANPCV) |
| -
 |
-
Het plan voorziet dat het 1ste Para de
zuivering van de nieuwe stad uitvoert, het 3de
Para de zuivering van de oude stad. Het Peleton Recce
wordt in reserve gehouden. Op het vliegveld van Kolwezi
wordt een ontvangstdetachement, een sorteerstation en een
chirurgische hulppost ingericht. Dezelfde organisatie zal
ook werken in Kamina.
Wanneer het 1ste en 3de
Para naar de stad optrekken, zien zij in de verte de
parachutage van de tweede golf van het 2de REP.
De commandant van de Belgische para’s krijgt echter het
bevel van de Franse vliegende CP om de stad niet in te
trekken “om geen vergissingen te begaan”. Er wordt
geweigerd van dit bevel op te volgen. Kolonel Gras, hoofd
van de Franse missie in Zaïre en aan boord van de
vliegende CP begeeft zich dan maar naar het hoofdkwartier
van Kolonel Depoorter. Na een eerste vergadering blijkt
dat de Belgen en de Fransen niet dezelfde opdracht hebben.
De opdracht van de Belgen bestaat erin de vluchtelingen te
repatriëren, die van de Fransen de orde te herstellen. De
Fransen staan in feite onder Zaïrees contract en voorzien
de evacuatie van de Europese bevolking niet. Ze hebben er
ook de middelen niet toe omdat ze afhankelijk zijn van
Zaïrees luchttransport. |
|
- |
|
Het zal trouwens ook zo zijn dat de opmars van de Belgen
wordt opgehouden doordat de Fransen schieten op alles wat
beweegt tussen de weg en de spoorweg. Ook meldt het 3de
Para dat het om 8.26 u onder vuur wordt genomen. Een
vergissing van de Fransen.
Dit alles leidt tot een onderhoud met de commandant van
het 2de REP. Er wordt besloten van de oude en
de nieuwe stad onder de autoriteit van de Belgen te
plaatsen. De commandant van het 2de REP
aanvaardt de enkele troepen die zich in de nieuwe stad
bevinden terug te trekken en ze in te zetten voor de
zuivering van de steden van de inlandse bevolking.
|

3 Para
rukt op naar de stad (foto : archieven ANPCV) |
Wanneer de para’s verder de stad intrekken is er van de
rebellen geen spoor. Wel merken ze het grote spandoek op
doorzeefd met kogels “Kolwezi heet u welkom”.
|
 |
De rebellen hebben de stad reeds verlaten nog voor de
Fransen er waren, zouden ze later vernemen. Verder in de
stad zien de para’s de eerste lijken en overvalt hen de
stank. Het 1ste Para ontdekt verder een
afgrijselijk toneel. In een huis liggen 28 lijken, mannen,
vrouwen en kinderen door elkaar.
Na het innemen van de Europese wijken begint het
verzamelen van de vluchtelingen. Alle voertuigen die
gevonden worden en nog bruikbaar zijn worden volgeladen
met mensen om hen naar het vliegveld te transporteren.
(foto :
Commando, Deel 2 Auteurs
De Pierpont G. en Lefevre A,) |
| - |
|
Daar worden ze met de 15de Wing naar Kamina
overgevlogen. Bij het verder vorderen komen meer en meer
vluchtelingen uit hun schuilplaatsen zodat een
ononderbroken stroom opgang komt naar de luchthaven van
Kolwezi om van daaruit naar Kamina te worden overgevlogen.
Tot hiertoe verloopt de operatie en het uitkammen van de
stad volgens plan zonder verliezen. Tegen de avond zijn
reeds meer dan 2000 personen geëvacueerd. Ondertussen
worden constant vluchtelingen uit het veilige Kamina
overgevlogen naar Kinshasa, om van daaruit met Sabena naar
België te vliegen.
(foto:
archieven ANPCV) |
 |
| - |
|
 |
Bij het invallen van de nacht zijn tweederden van de stad
bezet door de Belgische Para’s en een derde door de Franse
Légionaires. De volgende dag wordt de stad verder
uitgekamt door de bataljons. Ook worden gemotoriseerde
colonnes uitgestuurd buiten Kolwezi. Hier en daar duiken
nog Europeanen op. Bij het 3de Para stoot
Commandant Brijs aan het hoofd van een patrouille door tot
op 25 km ten zuiden van Kolwezi. Hij vindt geen
vluchtelingen. Luitenant Dumortier gaat tot op een
vijftiental kilometer ten oosten van de stad. Hij ziet een
twintigtal rebellen die de wildernis invluchten als hij
naderbij komt. Kapitein Marchal van het 1ste
Para voert een patrouille uit naar Mpala op een 50
kilometers afstand om er paters van Scheut af te voeren.
(foto:
archieven ANPCV) |
Op 22 mei stelt Kolonel Depoorter vast dat er geen
uitwijkelingen meer te evacueren zijn en beslist om de
bataljons op het vliegveld te verzamelen om de
terugtrekking naar Kamina aan te vangen. Rond 14.00 u is
het hele Regiment gehergroepeerd in Kamina. De duur van de
aanwezigheid van de Belgsiche Para-Commando’s in Kolwezi
bedroeg ongeveer 55 uur.
Rond 18 u komt er bij de Commandant van de operatie “Red
Bean” een bericht uit Brussel aan, ondertekend door Vanden
Boeynants, dat luidt als volgt :
|
1. |
In naam van de regering feliciteer en bedank ik de
troepen onder uw bevel voor de opmerkelijke manier
waarop ze de opdracht die het land hen had
toevertrouwd hebben volbracht. |
|
- |
|
2. |
Het bevel voor de terugtocht naar België wordt
bevestigd. |
|
- |
|
3. |
Behoud nochtans, tot nader order, een versterkt
autonoom bataljon in Kamina, met de luchtmiddelen,
alle munitie, de logistiek en het noodzakelijke
transport. |
|
- |
|
4. |
Opdracht : zich klaar houden om op bevel van de
Minister van Landsverdediging iedere reddingsoperatie
van uitwijkelingen die de toestand vereist, uit te
voeren. |
Twee uur later volgt een tweede bericht. Zich voorbereiden
voor elke tussenkomst in Lubumbashi, Kipushi en Likasi.
Na ontvangst van deze berichten wordt de beslissing
genomen om het 3de Para, de 14de
Compagnie van het 2de Cdo en het
Verkenningseskadron Recce naar België over te brengen en
het luchttransport te organiseren. Het 1ste
Para en de Compagnie ATK worden ondergebracht in gebouwen
en wachten op bevelen.
-
De opdrachten te Lubumbashi en Lisaki
Ingevolge bepaalde berichten die haar uit verschillende
bronnen bereiken blijft de Belgische regering bezorgd over
het lot van de Belgen die in Zuid-Shaba werken. De honger
en misérie die onder bepaalde lagen van de plaatselijke
bevolking heersen kunnen de oorzaak zijn van plaatselijke
opstanden die op hun manier gemakkelijk zijn uit te buiten
door ondergedoken rebellen. Door deze situatie vertonen
bepaalde eenheden van de Zaïrese Strijdkrachten een nogal
onvoorspelbaar gedrag. De soldaten worden slecht betaald,
en afpersing en plundering is geen vieze zaak om hun loon
te vergroten. De Europese bevolking is getraumatiseerd
door de gebeurtenissen in Kolwezi en overweegt Shaba te
verlaten als ze geen afdoende bescherming krijgt. Hun
vertrek zou echter de nijverheid van Shaba volledig lam
leggen, dewelke zorgt de inkomsten die noodzakelijk zijn
voor de economie van heel Zaïre. De aanwezigheid van de
para-commando’s is een vereiste om te blijven. Dus wordt
tussen de Belgische en Zaïrese regering beslist om het
verblijf van een gedeelte van het Regiment te verlengen.
De macht blijft beperkt tot 650 manschappen, het effectief
van een bataljon met vier compagnies, de drie peletons
mortier 81 mm van het Regiment, een logistieke
steuneenheid, een medisch detachement, een
helikopterdetachement en een gerechtelijk detachement. Aan
het hoofd een tactisch HK van het Regiment. De 15de
Wing zorgt voor permanente steun met vier C-130’s.
De opdracht ziet er uit als volgt :
|
1. |
De veiligheid van de buitenlanders verzekeren.
|
| |
- |
|
2. |
Hun evacuatie uit de streek van Shaba voorbereiden. |
| |
- |
|
3. |
Geen enkele steun geven aan de operaties van de
Zaïrese Strijdkrachten. |
De maximum duur van het verblijf wordt bepaald op drie
maanden met een aflossing van de eenheden.
Tijdens hun verblijf in de verschillende steden voeren de
para’s verschillende opdrachten uit. Wachtrondes,
bewakingsopdrachten, begeleiden van burgers naar het
vliegveld of naar een andere stad en patrouilles. Vanaf 9
juni wordt het 1ste Para afgelost door het 3de
Para. De Compagnie ATK keert pas terug op 24 juni naar
België terug.
Voor 10 juli komen alle ingezette eenheden terug naar
België.
-
De balans van de operatie
Ongeveer 2300 mensen werden geëvacueerd. Er waren geen
gevechtsverleizen bij de para-commando's. Het Regiment
betreurt evenwel de dood van soldaat G. Digiano, van het
peleton mortieren van het 2de CDO, die zwaar ziek was
geworden en overleed tijdens zijn overbrenging naar
België.
Ook de beschikbaarheid van het Regiment mag vermeld
worden. Tussen het vertrek van het eerste vliegtuig op
Melsbroek en het verwittigingsbevel was 30 dertig uur
verlopen. Het is moeilijk een operatie van die omvang
sneller uit te voeren. Hierbij komen ook de problemen en
veranderingen in de eerste fase die mooi opgelost zijn
door het aanpassingsvermogen van het Regiment.
Er is minder dan 36 uur verlopen tussen het vertrekbevel
en de beschikbaarheid in Kamina over acht C-130's,
ongeveer 1200 para-commando's met commandovoertuigen en
zwaar legertuig.
Rekeninghoudend met de afstand tussen België en Kamina
enerzijds, en de omwegen die de Belgische vliegtuigen
verplicht waren te maken anderzijds, bewijst het cijfer
van 36 uur dat de 15de Wing, Sabena en het Regiment
Para-Commando een huzarenstukje hebben verricht.
-

(Bronnen, tekst en foto's : Commando, Deel 2 van de
driedelige reeks over het Regiment Para-Commando. Auteurs
De Pierpont G. en Lefevre A,
Speciale editie "Para-Commando", nr. 90
ANPCV. Auteur E.Genot,
Rode mutsen, Groene mutsen, 50.000 para-commando's.
Auteur E.Genot)
|