De legende van Pegasus

Pegasus was de naam van een goddelijk gevleugeld paard. Hij was een 'kind' van de Gorgona Medusa (haar blik veranderde iedereen in steen). Volgens de mythe sprong Pegasus te voorschijn uit de hals van Medusa toen Perseus haar onthoofde.

Pegasus vloog naar de berg Helicon in Boeotia, waar de negen Muzen leefden. Op de plaats waar hij met zijn hoef de grond aanraakte, ontstond een bron die heilig was voor de Muzen. De naam van de bron was de Hippocrene (de Paardenfontein). De mythe zei wanneer men het water dronk, men de gave van het dichten ontving. Het vliegende paard is dan ook het symbool voor de dichtkunst en creatieve kunst.

Bellerophon was ook een zoon van Poseidon. Zijn moeder was Eurynome, een dochter van koning Nisus van Megara. Bellerophon was een halfgod. Als zijn aardse vader werd Glaucus beschouwd, zoon van Sisiphus, afstammeling van het koningshuis van Korinthe. Bellerophon verzocht zijn vader Poseidon om het gevleugelde paard en deze willigde het verzoek in. De godin Athina schonk hem gouden teugels om het wonderdier te temmen en te leiden.

Pegasus met op zijn rug Bellerophon in hemelsblauwe kleuren op een wijnrode achtergrond, werd het embleem van de Britse luchtlandingstroepen tijdens de tweede wereldoorlog.

                            

Terug

Copyright Pegasus Museum vzw - Musée Pégase asbl